Toen deze James Dodd rond 1820 aan zijn loopbaan begon, waren al twee generaties strijkstokkenmakers hem voorgegaan. Edward Dodd was de stamvader. Hij maakte pas vanaf zijn 65e jaar strijkstokken maar ging daar wel dertig jaar mee door. Diens zoon James I begon al jong, net als kleinzoon James II. De familie Dodd was succesvol, de vier leden van de familie die hem waren voorgegaan hadden de Engelse markt op dit gebied stevig in handen.
De Dodds maakten strijkstokken die op erg traditionele, maar vooral Britse leest geschoeid waren. Dat veranderde pas nadat François Tourte in Parijs het model en daarmee de speelkwaliteiten van de strijkstok volledig en definitief herzag. Daar had men in Engeland echter nog nauwelijks weet van, het land was door de oorlog met Frankrijk volledig van het vaste land afgesloten.
Na de oorlog had James II nog voldoende zelfvertrouwen om de Fransen te negeren, maar toen de Franse stokken Engeland overspoelden, paste hij zich aan. In slechte tijden had hij naast strijkstokken ook snaren voor anderen moeten maken. Toen zijn naam gevestigd was, produceerde hij over het algemeen erg goede, wat meer op de Franse leest geschoeide strijkstokken die hij brandmerkte met J. Dodd.
Wij gebruiken uitsluitend functionele en geanonimiseerde cookies om de website goed te laten werken. Deze cookies verzamelen geen herleidbare persoonsgegevens. Meer informatie hierover vindt u op onze pagina over het cookiebeleid.