vioolstrijkstok
Sonsoles Vallés

*1854 , Markneukirchen †1931 , Markneukirchen


Franz Albert Nürnberger II. Bron: Tarisio, Cozio archief
Franz Alberts vader (Franz Albert I, 1826-1894) kwam bij zijn vader Carl Gottlieb in de zaak en volgde hem na diens dood op. Hij nam enkele medewerkers in dienst en samen maakten zij een groot aantal strijkstokken die zij exporteerden naar Oost-Europa, Rusland en later ook naar Amerika, waar de New Yorkse firma Wurlitzer hem vertegenwoordigde. Rudolph Wurlitzer noemde hem in de catalogus van 1906 ‘the greatest modern bow maker’. Wurlitzer was een zeer vooraanstaande kenner op dit gebied en bezat een belangrijke collectie strijkstokken van onder anderen Tourte, Peccatte and Kittel. Zijn mening over het werk van Nürnberger zal ongetwijfeld hebben bijgedragen aan het succes in Amerika. Net als zijn vader leverde Franz Albert naast zijn gestempelde stokken ook strijkstokken zonder brandstempel. Dat had tot gevolg dat deze verkocht werden onder een andere naam.
De Duitse strijkstokken waren gebaseerd op een eigen traditie die onder alle niveaus van Europese musici een goede reputatie had en die kon wedijveren met de Franse traditie. Daarin kwam een kentering toen de van oorsprong uit Markneukirchen afkomstige strijkstokkenmaker Pfretzschner in 1879 terugkeerde van zijn verblijf in Parijs. Hij had bij Vuillaume en Voirin gewerkt en bracht de Franse invloed mee terug. En daar Franse strijkstokken overal in Europa in de mode waren gekomen, deed die trend ook zijn intrede bij de familie Nürnberger. Geleidelijk verdween ook bij hen de Boheems-Saksische bouwtraditie.
Zo maakten zij voor Weichhold een aantal stokken met het brandmerk ‘Imitation du Tourte’
De Franse invloed was niet helemaal nieuw. Richard Weichold had al eerder een goede kopie van een Franse Tourte-stok gemaakt, maar had het bij een enkele gelaten, Pfretzschner maakte er vele. De familie Nürnberger bleef niet achter. Franz Albert II, en later ook zijn zoon Carl, maakte een groot aantal nauwkeurige Tourte-kopieën, maar voorzag ze niet van een brandstempel. Beiden gaven de stokken een verouderd uiterlijk mee waardoor ze later door anderen als echte ‘Tourte-strijkstokken' werden verkocht. Ook leverden zij aan andere Duitse stokkenmakers, zo maakten zij voor Weichhold een aantal stokken met het brandmerk ‘Imitation du Tourte’.
Dat Franz Albert II bij zijn vader in de zaak zou komen, lag in de familielijn. Gekozen tot voorzitter van het gilde van stokkenmakers in Markneukirchen had zijn vader grote invloed gehad. Franz Albert II volgde hem daarin op, maar hield zich toch voornamelijk bezig met het verbeteren van de strijkstokken.
In 1882 werd Phillipp Paul geboren en drie jaar later Carl Albert. De strijkstokken van Nürnberger kregen geleidelijk wereldfaam. Zeker nadat de firma rond 1890 hun stokken een brandstempel meegaf. Ook werkte zijn vader Franz Albert I nog mee. In 1894 overleed deze en erfde Franz Albert II de familiewerkplaats, waarin hij zijn beide zonen opleidde. Naast Franse stokken werden er in de werkplaats ook kopieën van Engelse strijkstokken gemaakt.
Onder toeziend oog van Franz Albert II ontwikkelden zijn zonen een nieuwe, ook op Tourte gebaseerde variant. Dat model verkochten zij onder eigen naam. Het werd rond 1920, toen het bedrijf op het hoogtepunt was, zelfs het handelsmerk van Carl.
Franz Albert II wordt gezien als een van de beste Duitse stokkenmakers van zijn tijd.
De Duitse en meestal ook de Franse stokkenmakers werkten de stang af met schellak en alcohol. Van de vroege Fransen stokkenmakers namen de Nürnbergers de techniek over om het hout te behandelen met lijnzaadolie. Dat drong diep het hout in en gaf de stok een zachte glans in plaats van een glimmend uiterlijk.
Franz Albert II maakte in zijn hoogtijdagen ook veel strijkstokken met een schildpad slof en aan weerskanten een zilveren of gouden boeket zoals sommige Parijse stokkenmakers deden.
Het hout dat hij gebruikte was van uitstekende kwaliteit, zorgvuldig verwerkt tot een stok met een goede balans. Eugène Ysaÿe, Jan Kubelík, Fritz Kreisler en David Oistrakh bezaten een strijkstok van Franz Albert II.
Vrijwel alle stokkenmakers uit de familie met ‘Albert’ in hun naam, inclusief Franz Albert II, gebruikten de brandstempel ‘Albert Nürnberger’. Stokken met dit stempel zijn alleen maar door minieme kenmerken aan hun bouwer toe te schrijven.
German bowmaking of the 19th and beginning of the 20th centuries, 1992, Klaus Grunke, Chicago
Zoebisch B., 2000, Voigtlanderische Bogenbau; Biographien und Erklärungen.
Tarisio, Cozio archive, bezocht 2023
Britannica archive, bezocht in 2023
Geneanet, bezocht in 2023



