Doorgaan naar content
bouwer

Charles Peccatte

*1850 , Mirecourt      †1918 , Parijs

Bij de geboorte van Charles François Peccatte had de naam Peccatte onder de Franse musici al een voortreffelijk klank; in hun ogen behoorden zijn vader en oom tot de grote strijkstokkenmakers van Frankrijk. Dat was nogal opmerkelijk daar zijn vader nog maar 34 was toen hij stierf, zijn loopbaan was amper begonnen. Zijn enige zoon die nog maar vijf was had hij helaas niet kunnen opleiden; Auguste Lenoble werd Charles’ eerste leermeester. Zijn tweede was François Nicolas Voirin onder wiens supervisie hij bij Jean Baptiste Vuillaume ging werken. En Voirin was een meester in verfijning.

Charles Peccatte's eerste eigen werk leunde sterk op een Vuillaume-model dat hij perfect had leren maken, later ontwikkelde hij een eigen serie strijkstokken. Bij Vuillaume kon hij maar vijf jaar blijven omdat hij in militaire dienst moest. Daarna had hij moeite om de zaken weer op te pakken. Hij zocht aanvullend werk om zijn inkomsten veilig te stellen en hem daarnaast in de gelegenheid te stellen om zijn werk te perfectioneren.
Werkplaats(en)
Parijs, 1865- ±1918

Het combineren van beide werkzaamheden lukte zo goed dat hij enkele jaren achter elkaar medailles won; eerst in Antwerpen, daarna in Parijs. Zijn werk uit deze periode is elegant en in de stijl van de andere Peccatte-makers.

Vanaf ongeveer 1900 had hij verschillende assistenten in dienst waaronder Eugène Sartory. In 1918 stierf deze grote strijkstokkenmaker.

Leven en loopbaan

Charles François Peccatte werd in Mirecourt geboren waar zijn vader, François Peccatte strijkstokkenmaker was. Er werkten vijf mensen voor hem en samen met zijn oudere broer Dominique behoorde hij tot de besten in hun vak. François had in Parijs bij enkele belangrijke strijkstokkenmakers gewerkt en was na terugkomst in Mirecourt een eigen bedrijf begonnen. Hoewel zijn werk niet buitengewoon kostbaar was, behoren enkele van zijn vroege stokken al tot het beste dat er in die tijd gemaakt werd.

In Mirecourt hadden de meeste vioolbouwers en strijkstokkenmakers het vanwege de enorme concurrentie erg moeilijk en vertrokken er veel naar Parijs. De familie Peccatte was niet onbemiddeld en bezat in Mirecourt een groot huis. Toch lokte het mondaine Parijs ook zijn ouders. Zij verhuisden enkele maanden na zijn geboorte naar de hoofdstad. Hun huis werd verkocht tegen een opbrengst waar zij nog jaren van konden leven.

Waarschijnlijk omdat hij ziek werd, besloot François om in Parijs nog even niet voor zichzelf te beginnen, maar om weer voor Jean Baptiste Vuillaume te gaan werken, de grote vioolbouwer met wie hij al eerder had samengewerkt en met wie hij bevriend was gebleven. Vuillaume was buitengewoon succesvol en druk bezig een grote zaak op te bouwen. Voor Peccatte had hij werk genoeg. Helaas stierf François Peccatte op 34-jarige leeftijd al, Charles was nog maar vijf. Rond 1855 ontmoette zijn moeder de strijkstokkenmaker Auguste Lenoble die al lang in Parijs werkzaam was. Lenoble werd haar nieuwe levensgezel met wie ze ging samenwonen en die Charles erkende als zijn stiefzoon.

Lenoble was een voormalig leerling van François Peccatte en een goed vakman. Hij hielp Charles Peccatte om in enkele jaren tijd zijn talenten volledig te ontwikkelen en gaf hem de kennis van zijn vader door. En met succes want in 1865 kon Charles Peccatte ook bij Jean Baptiste Vuillaume beginnen, net als zijn vader. Jean Baptiste Vuillaume was inmiddels in Parijs een groot man geworden. Hij was een ongeëvenaard multi-talent op zijn vakgebied, een perfecte kopiist, vernieuwer en inspirator en gaf leiding aan een groot imperium. Hij bood Charles Peccatte aan om te gaan werken onder leiding van François Nicolas Voirin, een van zijn beste strijkstokkenmakers.

François Voirin was gegrepen geweest door de vooruitstrevende ideeën van Vuillaume en had zijn modellen tot in de perfectie leren maken. Niet alleen waren de beste ‘Vuillaume’-strijkstokken van zijn hand, maar ook veel innovaties waar Jean Baptiste Vuillaume om bekend staat, kunnen zonder meer aan Voirin worden toegeschreven. Voirin was vernieuwend en verbeterde zichzelf onophoudelijk, ook onder Vuillaume. Zijn werk wordt nog steeds gezien als dé referentie voor de mate van verfijning. ‘Voirin’ staat voor ‘elegant, slank en harmonieus’. Deze bijzondere strijkstokkenmaker werd de tweede leermeester van Charles Peccatte.

Bij Vuillaume bleef Charles Peccatte strijkstokken maken tot hij het leger in moest. Vuillaume had jaren eerder zijn oom Dominique uit militaire dienst vrijgekocht om hem voor zich laten werken, maar Charles Peccatte bleef liever onafhankelijk.

Na zijn diensttijd was het niet gemakkelijk om de zaken weer op te pakken. Hij ging terug naar Auguste Lenoble met wie zijn moeder inmiddels getrouwd was, maar hij had nog een andere baan nodig om rond te komen. Lenoble ging de strijkstokken maken die Charles had ontwikkeld en Charles zelf nam een administratieve baan bij de overheid aan. Zo kreeg hij de gelegenheid om naast zijn werk nog enkele uren per dag zijn vaardigheid te perfectioneren zoals hij zelf later schreef.

In 1872 ontmoette hij Marie Moullière, met wie hij in hetzelfde jaar trouwde en een dochter kreeg. Het gezin trok bij haar ouders in, en daar Lenoble en zij praktisch overburen waren, kon François gemakkelijk in zijn eigen werkplaats blijven werken. In dat jaar bouwde hij enkele bijzonder mooie strijkstokken die hij voor het eerst met zijn eigen brandstempel van zijn naam voorzag: ‘Peccatte a Paris.’ Ook leverde hij aan anderen, waaronder het gerenommeerde ‘Maison Gand et Bernardel frères’ in Parijs.

Twee jaar later gingen Lenoble en Peccatte een vorm van samenwerking aan. Zij stonden allebei ingeschreven op Rue de Clignancourt. Vanaf dat moment liet Lenoble op zijn briefpapier drukken ‘Lenoble et Veuve Peccatte’. De naam Peccatte had inmiddels door het werk van François en Dominique zo’n goede reputatie gekregen dat Lenoble die graag aan zich wilde verbinden. Waarschijnlijk was dat tegen de zin van Charles en die verbrak zijn relatie met Auguste Lenoble direct nadat zijn moeder overleden was.

Na een opgelopen ruzie met Vuillaume was François Nicolas Voirin vertrokken en in 1870 een eigen atelier begonnen, dicht bij Charles Peccatte in de buurt. Eerst werkte hij alleen, maar later met Louis Thomassin en Joseph Alfred Lamy. Zij vormden een hecht groepje en werkten als vrienden samen. Voirin en Peccatte deden allebei mee aan de Wereld tentoonstelling die in Antwerpen gehouden werd, waarbij Voirin een gouden en Peccatte een zilveren medaille won.

In 1880 hadden Charles Peccatte en zijn vrouw een ander onderkomen gevonden dat hem beter in staat stelde om zijn eigen weg te volgen. Het lag in het chique uitgaansgebied, dicht bij de Parijse Opera. Het was het begin van een succesvolle periode in zijn leven. De waardering voor zijn werk groeide; na Antwerpen won hij zilveren medailles voor enkele strijkstokken van eigen ontwerp op de Wereldtentoonstelling die vier jaar later in Parijs gehouden werd en kreeg hij een aanstelling als officiële strijkstokkenmaker van l’Opera.

Zijn succes maakte het nodig om enkele medewerkers aan te stellen, eerst alleen voor het ruwe werk, later kwamen er goede strijkstokkenmakers bij, waaronder Eugene Sartory.

Het succes van de familienaam Peccatte leek zich even tegen hem te keren toen anderen zijn werk gingen kopiëren en het zelfs van de brandstempel ‘Peccatte’ voorzagen. Die stokken waren echter inferieur. Om te voorkomen dat dit zijn reputatie zou aantasten, schreef hij in de Franse handelsalmanak dat hij echt de enige strijkstokkenmaker met die naam was. ‘Peccatte a Paris’ was zijn merknaam en van niemand anders. Het effect was echter vrijwel nihil; het illegaal kopiëren ging gewoon door.

In het familiearchief zijn nog twee brieven van hem gevonden waarin hij in 1888 en 1889 aanbood aan de directie van het Parijse conservatorium om ‘Archetier de la Conservatoire’ te worden, maar op dat aanbod gingen zij niet in. Eugene Gand was al ‘Luthier de la Conservatoire’ en de directie zag geen reden om daar verandering in aan te brengen. Wel laat het een groeiend zelfvertrouwen van Charles Peccatte zien.

Werk en invloed

Charles Peccatte’s eerste werk leek erg op dat van Vuillaume. Dat had hij tot in de perfectie leren maken. Hij brandde zijn stokken met ‘Peccatte a Paris’. Na zijn vertrek komen er invloeden van Voirin in.

Rond 1880 wordt zijn werk eleganter en maakt hij geleidelijk meer kostbare strijkstokken met monturen van goud, zilver, schildpad en ivoor. De invloed van Vuillaume en Voirin heeft dan plaats gemaakt voor een markant eigen model dat veel weg heeft van dat zijn vader en van Dominique Peccatte. Hij brandde die met een nieuwe stempel ‘Peccatte’.

Door zijn toegenomen populariteit kon hij naast de stokken van eigen hand ook een serie op de markt brengen die door zijn medewerkers werd gemaakt. Voor dat werk gebruikte hij weer zijn eerste brandstempel “Peccatte a Paris’.

Hij bleef tot 1910 erg productief, daarna waren het voornamelijk zijn medewerkers die de strijkstokken voor hun rekening namen. Zelf bleef hij tot aan zijn dood de werkplaats leiden.

Peccatte behoort tot die categorie van strijkstokkenmakers waaraan Frankrijk zijn reputatie als meest invloedrijk land op dit gebied ontleent.

De vioolstrijkstok van Charles Peccatte die het NMF in de collectie heeft, maakte hij rond 1870 voor het gerenommeerde ‘Maison Gand & Bernardel Frères.’ in Parijs.

Bronnen

  • Millant B., Raffin J.F., 2000, l`Archet: les archetiers Français 1750-1950. Paris.

  • Childs P., 1986, The bow makers of the Peccatte family, New York.

  • Tarisio, Cozio digitaal Archief, geraadpleegd in 2021.

  • Vatelot E.,1976, Les Archets Français. Nancy.

  • Geneanet, geraadpleegd in 2021.

  • Archives Nationales de France, geraadpleegd in 202.1

  • Archives de Fontainebleau-Paris, geraadpleegd in 2021.

  • Mesdemarches.culture.france, geraadpleegd in 2021.

Auteur
Jan Boekhout
Datum
7 april 2021