Doorgaan naar content
bouwer

Carl Albert Nürnberger

*1885 , Markneukirchen      †1971 , Markneukirchen

Toen Carl Albert Nürnberger in Markneukirchen aan zijn loopbaan begon, was het familiebedrijf al een onderneming die wereldwijd faam genoot. Zijn overgrootvader Johann Adam Nürnberger was halverwege de 18de eeuw in Markneukirchen begonnen als vioolbouwer maar de daaropvolgende generaties hadden zich toegelegd op het maken van strijkstokken. En daarmee hadden ze het ver geschopt.

De stad Markneukirchen had zich in ieder opzicht op het bouwen van strijkinstrumenten ingesteld. In 1890 waren er zo’n 80 bedrijven waar jaarlijks 19.000 strijkinstrumenten uit de ateliers kwamen. Het aantal strijkstokken dat er gemaakt werd zal niet veel minder zijn geweest. De families Knopf, Pfretzschner en Nürnberger waren de grootste producenten.
Werkplaats(en)
Markneukirchen, 1900-1971

(Inter)nationale handel in Nürnberger-stokken

De eerste stokkenmaker van de familie Nürnberger was Carl Gottlieb geweest. Hij had het vak van F.C. Knopf geleerd. Zijn zoon Franz Albert I was hem opgevolgd. Samen met zijn medewerkers maakte hij een groot aantal strijkstokken die hij exporteerde tot ver buiten Duitsland, tot aan Rusland en Amerika toe, waar de New Yorkse firma Wurlitzer de distributie verzorgde. Zelf gaven zij hun strijkstokken geen brandstempel mee. De invloed van Carl Alberts grootvader in Markneukirchen was groot geweest. In 1872 werd hij voorzitter van de vereniging van vioolbouwers en strijkstokkenmakers, een organisatie die de drijvende kracht was achter nationale en internationale handelsbetrekkingen. Die functie behield hij tot 1885. Zijn zoon, Franz Albert II, de vader van Carl Albert, nam na zijn dood de zaak over en bracht die tot wereldfaam.

In 1885 werd Carl Albert geboren, zijn broer Philipp Paul was drie jaar oud. De beide broers kwamen in het bedrijf en breidden dat na de dood van hun vader met succes verder uit. Duitse strijkstokken waren in heel Europa veel gevraagd.

Franz Albert (II) Nürnberger en zijn zoons Philipp Paul en Carl Albert (staand links) in 1915

Franz Albert (II) Nürnberger en zijn zoons Philipp Paul en Carl Albert (staand links) in 1915

Overgang naar Franse bouwstijl

Dat veranderde toen de van oorsprong uit Markneukirchen afkomstige strijkstokkenmaker Pfretzschner in 1879 was teruggekeerd van zijn verblijf in Parijs. Hij had bij Vuillaume en Voirin gewerkt en bracht de Franse invloed mee terug. En daar Franse strijkstokken overal in Europa in de mode waren gekomen, nam de familie Nürnberger die trend over. Geleidelijk verdween de Boheems-Saksische bouwtraditie.

Tourte-kopieën…

De Franse invloed was niet helemaal nieuw. Richard Weichold had al eerder een goede kopie van een Franse Tourte-stok gemaakt, maar had het bij een enkele gelaten; Pfretschner maakte er vele. De familie Nürnberger wilde niet achterblijven. Franz Albert en Carl Albert maakten een groot aantal nauwkeurige Tourte-kopieën maar voorzagen die niet van een brandstempel. Carl gaf de stokken een verouderd uiterlijk mee waardoor ze later vaak als echte ‘Tourte-strijkstokken' werden verkocht. Ook leverde Carl Albert aan andere Duitse stokkenmakers, zo maakte hij voor Weichhold een aantal stokken met het brandmerk ‘Imitation du Tourte’.

…en een eigen variant

Samen met zijn broer Philipp Paul, die eveneens in de zaak werkte, ontwikkelde Carl nog een nieuwe variant, ook op Tourte gebaseerd. Dat model verkocht Carl Albert onder zijn eigen naam. Het werd rond 1920, toen het bedrijf op het hoogtepunt was, zelfs zijn handelsmerk.

De Duitse en meestal ook de Franse stokkenmakers werkten in die tijd de stang af met schellak en alcohol. Van de vroege Franse stokkenmakers nam Carl de techniek over om het hout te behandelen met lijnzaadolie. Dat drong diep het hout in en gaf de stok een zachte glans in plaats van een glimmend uiterlijk.

Vrijwel alle stokkenmakers uit de familie met ‘Albert’ in hun naam, inclusief Carl Albert, gebruikten de brandstempel ‘Albert Nürnberger’. Stokken met dit stempel zijn alleen maar door minieme kenmerken aan hun bouwer toe te schrijven.

Bronnen

  • German bowmaking of the 19th and beginning of the 20th centuries, 1992, Klaus Grunke, Chicago

  • Zoebisch B., 2000, Voigtlanderische Bogenbau; Biographien und Erklärungen.

  • Tarizio, Cozio archive, bezocht 2023

  • Britannica archive, bezocht in 2023

  • Geneanet, bezocht in 2023

Auteur
Jan Boekhout
Datum
6 september 2023